• Enter Vooruit heeft zaterdagmiddag op hardhandige wijze kennis gemaakt met een summum aan effectiviteit van het bezoekende Sparta Enschede In een match waarin beide ploegen genoeg kansen kregen om de doelpuntenproductie eens een stevige zwengel te geven, lieten de Enschedeërs zien dat ze op dat vlak de juiste mannen op het veld hebben lopen. Overigens was een volkomen onterecht gegeven strafschop, in de blessuretijd van het eerste bedrijf, wellicht de reden dat het geloof bij E.V. in maximaal puntengewin, na de rust een stuk minder was dan daarvoor.
    De Spartanen begonnen ook beter aan het zaterdagse karwei. Al in minuut 2 kreeg middenvelder Gabriël Genc een vrijgeleide om alleen naar de kooi van doelman Teun Nijhof te trekken. De lange Enterse sluitpost redde vooreerst de Enterse huisraad met een katachtige reactie, maar was enkele minuten verderop kansloos toen Jorn Jonge Poerink, na een solo van een wederom ongedekte Danny Reinders de 0-1 mocht binnenschuiven. Bij de thuisploeg was de dekking voor rust sowieso al ondermaats, maar zoveel vrijheid in de openingsfase zal Sparta dit seizoen nog niet hebben meegemaakt. Echter werd de zaak al rap op het scorebord rechtgetrokken toen Dirk Bretveld na een lange Enterse aanval de bal van zijn schoen liet vertrekken die vervolgens loepzuiver over de graaiende handen van Sparta-goalie Bryan Jonkers in de winkelhaak plofte, 1-1. Pijnlijk was dat aan Sparta-zijde rond dat vroege tijdstip in de match, linksachter Rob van Holland, zoon van E.V.-coach Jan Willem van Holland stampvoetend de arena moest verlaten met een blessure (toch zal, ondanks de pijn, zoonlief op de late zaterdagavond eerder een glimlach op het gelaat hebben gekregen dan senior). Die gelijkmaker was overigens wel meteen het sein voor een onderhoudende eerste helft waarin beide ploegen niet voor elkaar onderdeden en beide sluitwachters hun kunnen konden tonen bij diverse gevaarlijk momenten voor hun neus. Het leek erop dat de de acteurs met die 1-1 tussenstand naar de thee zouden trekken, toen in de toegevoegde tijd van deel één, arbiter van dienst een beslissing uit zijn hoge hoed toverde waar tijdens de koffiepauze in het Enterse clublokaal met verbijstering over gesproken werd. De leidsman liet z’n assistent aan de zijlijn hulpeloos staan zwaaien met zijn vlag en gaf z’n zegen aan een treffer van Spartaan Alessio Pinna die in een overduidelijke buitenspelsituatie vertrok toen hij het ronde leder kreeg aangespeeld. De website “Entersnieuws” repte naderhand in haar wedstrijdverslag dat zelfs een VAR in dezen overbodig was geweest om offside te constateren.
    Die rechtse uppercut nam Enter Vooruit niet alleen mee het kleedlokaal in, na rust bleek de dreun ook nog akelig door te werken bij de manschappen van coach Van Holland. E.V. viel wel aan om de 2-2 op het scorebord te krijgen, maar naarmate de tijd verstreek werd dat een onderneming waaruit steeds minder geloof straalde. De Enschedeeërs leunden achterover om met pijlsnelle en veelal goed uitgevoerde tegenstoten de zaak definitief in een plooi te leggen. Omdat aan Enterse zijde steeds meer risico’s genomen werden en de ruimtes binnen de lijnen daardoor ook groter en groter werden, profiteerde Sparta van al die spatie. Luuk de Haan en in extremis invaller Romin Ahmadi lieten zien hoe kansen benut moeten worden. De uiteindelijk 1-4 was weliswaar geflatteerd, maar onverdiend was de Spartaanse winst nou ook weer niet. Enig pluspuntje aan Enterse kant was wellicht het feit dat kapitein Van Holland na rust niet schroomde om in de jacht op een beter resultaat, twee A-junioren, Mees Scholten en Jelle Swiers, hun debuut in de hoofdmacht te laten maken