MAZZELMIDDAG

In het kleedlokaal, met de dampende douches als mistig decor, ging bij Enter Vooruit zaterdagmiddag na afloop van het duel tegen Sparta Enschede, de muziek van de dag op standje “overdrive”. Het was hoogstwaarschijnlijk een luidruchtige vorm van pure opluchting, want E.V. en de bezoekers uit Enschede speelden daarvoor een match van afgekloven nagels en uit het hoofd getrokken haren, waarbij de thuisploeg drie keer diep mocht doorademen dat het met een uiterst geflatteerde 3-1 winst én met een flinke sisser de grasmat verliet.

Foto’s op www.henkpluimers.nl

Maar vóórdat de “gestolen” drie wedstrijdpunten na afloop op het wedstrijdformulier gekrasseld werden, waren daar allereerst de feestelijkheden van de 250e wedstrijd van Ron Smit in het zwart-witte tenue van Enter Vooruit. Een ingelijst shirt, een reischeque en een welriekende ruiker voor Loraine waren de giften die Smit in ontvangst mocht nemen. Het passende dankwoord gaf de middenvelder tijdens de 90 minuten voetbal die volgden. Twee doelpunten schonk Smit zijn ploeg in de klassieker tegen Sparta Enschede.
Die twee treffers met de handtekening van de jubilaris, bleek Enter Vooruit ook heel hard nodig te hebben in de strijd met de equipe van trainer Jeroen Niks. Want, zover er vóóraf al goede bedoelingen waren uitgesproken in de Enterse kleedruimte, was de opening (voor de derde week achter elkaar en voor de zoveelste keer dit seizoen) er weer eentje van lik-me-vestje. Binnen drie minuten miste de jeugdige Sietse Velten (al mag je dat een keer overkomen op jonge leeftijd) faliekant een bal, die overigens zwanger was van effect en de sluwe Daan Akkerman zette z’n elfde streepje achter z’n doelpuntentotaal en de 0-1 op  het scorebord. Bij de steeds weerkerende desastreuze openingsminuten van wedstrijden van E.V. mag zo onderwijl een kleine handleiding gevoegd worden. Daar is nog werk aan. Sparta dus meteen in een zetel en de manschappen van coach Björn Hodes wederom in de achtervolging. E.V. trok daarna het laken wel naar zich toe met wat meer balbezit dan de bezoekers, maar de Spartanen glipten keer op keer door een wankelende defensie van de Enternaren. Op het middenrif liet de thuisploeg zich elke keer aftroeven en het verdedigingskwartet van E.V. ging notabene tegen de rappe en zeer ervaren aanvalslijn van Sparta (Daan Akkerman-Danny Reinders-Ronald te Morsche-Dewi Perik) op één lijn spelen. Een “levensgevaarlijke” benadering van de situatie en de gasten sponnen er garen bij, al voorkwam een ijzersterk spelende doelwachter Robert Velten verdere misère voor Enter Vooruit. In Enter moest men zaterdag lang wachten voordat de bewoners van De Werf op het toneel verschenen. Maar toen was het ook onmiddellijk “kassa”. Wout Velten slingerde zich door de Spartaanse stellingen, keeper Sander Ensink ging grabbelen en Ron Smit hagelde de 1-1 tegen de touwen. Dat gaf wat vertrouwen bij de gastheren, maar de tegenstoten van “bezoekend Enschede” bleven voor hachelijke momenten zorgen.
Dat werd direct na hervatting nog eens bewaarheid. De troepen van trainer Niks hielden opnieuw het stuur met beide handen vast. De gasten gooiden serieus de kaarten op tafel, maar bezweken telkenmale in het één-tegen-één-gevecht met doelman Velten. Aan de zijlijn zat Hodes met zwetende handen op z’n stoeltje (al slofte ie waarschijnlijk zaterdag een paar luttele kilometers voor z’n dug-out bij elkaar). Het roerde van alle kanten, er was van alles loos aan Enterse zijde, behalve dat er nog gevoetbald werd. Toen E.V. amechtig naar z’n tweede adem aan het zoeken was, lag de knikker plotsklaps achter Sparta-goalie Ensink in de netten. Ron Smit verzorgde de voorbereidende werkzaamheden, de balaanname van Wout Velten was voortreffelijk en de afwerking van zuivere klasse, 2-1 derhalve. Wie dacht dat E.V. met deze onverwachte meevaller terug was onder de mensen, kon die hersenkronkel rap weer opbergen. In de volgende minuten moest de thuisclub wederom z’n overjas uitdoen. De gelijkmaker sluimerde al vlot in het april-zonnetje. Lars Kikkert zag z’n uithaal haar Waterloo vinden op de Enterse deklat, Ronald te Morsche knalde het speeltuig voorlangs en Dewi Perik mocht moederziel alleen richting Velten vertrekken, maar vond opnieuw de doelman op z’n pad. De Enschedese wolvenroedel werd steeds dreigender, maar de voortijlende prooi werd niet gevat. Bij Enter Vooruit moet men gedacht hebben “als zij het niet doen, dan wij maar”. De brigade van Hodes krabbelde naarmate het duel richting eindsignaal hobbelde, overeind en speelde tot aan de limieten. Steeds meer kwamen de Enternaren piepen voor de kooi van Ensink en in het laatste kwart schoot feestvarken Ron Smit, na een hoekschop, vanaf 5 meter de Spartaanse hoop definitief de vernieling in, 3-1. Toen werd de witte vlag bij de trawanten van hoofdman Niks toch maar uit de kast gehaald.
Na afloop kon kapitein Hodes geen lijst van fijne lichtpuntjes overleggen, het vertoonde spel maakte dat er om de zege een klein zwart randje kon worden getekend, maar al met al toch weer een resultaat om zaterdagnacht mee onder het kussen te nemen.