IJSKOUDE DRIEPUNTER.

Onder weersomstandigheden waarbij een weldenkend mens schielijk, met z’n hele hebben en houden achter de brandende kachel kruipt, heeft Enter Vooruit in een, vooral vóór rust armzalige vertoning, zaterdag toch nog royaal de drie punten meegenomen uit een steenkoud Dinxperlo. Toen de ijstijd na 90 voetbalminuten voorbij was, bleef het verdict in stil bevroren cijfers achter op het scorebord. D.Z.S.V. – Enter Vooruit: 0 – 3.

Foto’s op http://www.henkpluimers.nl

Wat er echter, slechts zeven dagen na een glansvoorstelling tegen koploper D.O.S. Kampen, op de Dinxperlose poolvlakte gebeurde, stelde de meegereisde Enterse aanhang voor raadselen. Met notabene windkracht 9 in de zeilen moesten de kleumend toeziende goegemeente met stijgende verbazing vaststellen dat E.V. er een helft lang geen pepernoot van bakte. Weliswaar konden door ziekte, dan wel een blessure sterkhouders Niels Getkate en Ron Smit niet aan de aftrap staan, maar met dergelijke problematiek kampte ook D.Z.S.V.-coach Bas van Londen, die de namen van routiniers Jordi Buiten en Niels Tamboer niet op het wedstrijdformulier kon krasselen. Waar een druk zettend E.V. werd verwacht tegen een aangeslagen opponent (de week voordien met een 6-0 nederlaag – tegen S.V.I. – vanuit Zwolle teruggereisd naar de Gelderse dreven), acteerde het gezelschap van coach Björn Hodes als een angstig hert. De Enterse kapitein op de bank schreeuwde zich de longen uit het lijf, maar binnen de lijnen ontpopten zijn troepen zich als een slap en somtijds chaotisch opererend bataljon. Achterin was het onrust troef, het apathisch spelende Enterse middenrif kwam helemaal niet in beeld en voorin liepen de voorwaartsen zich het schompes te zoeken naar een bespeelbare bal. D.Z.S.V. kwam ook niet met zoveel betere papieren voor de dag, maar was toch met meer bezetenheid op zoek naar een treffer. Een schuiver van Raoul Vinkenvleugel die op de paal uiteen spatte was daarvan het zichtbare antwoord. Wie echter de kansen in het vrieshuis van Dinxperlo wilde noteren, had daarbij geen telraam nodig. Dat het bij rust nog dubbelblank was, was dan ook exemplarisch voor het gebodene.
De toeschouwers die tijdens het schaftkwartier besloten om de ijzige omgevingsfactoren maar te laten wat ze waren, om in de kantine breeduit voor de verwarmingsbuizen te gaan zitten, kwamen daar toch ietwat van een koude kermis thuis. Bij Enter Vooruit hadden de acteurs met dienst in het kleedlokaal alsnog besloten om de aanvalsregisters eens wat meer open te trekken. Niet dat er nu meteen een voetbalkunstwerk, á la de fresco’s van de Romeinse kunstenaar Michelangelo in de Sixtijnse Kapel van Vaticaanstad, te bewonderen was, maar de zwart-witten hadden de violen gelijkgestemd, waardoor er een wenkend perspectief gloorde. Met een bitterkoude orkaanwind op de neus ging Enter Vooruit over in een ietwat andere modus. Doelwachter Briyan Lurvink moest al rap handelend optreden na een rush van invaller Jesse Pultrum, maar was na een minuut of tien een versteend toeschouwer bij een blikseminslag in de kruising. Marco ter Weel verzond de voorzet vanaf links, Wim Oosthoek was de alerte aangever, waarna de knikker met een snelheid van een kleine 70 kilometer per uur vertrok van de rechtervoet van topscorer Henri Knol. Bij D.Z.S.V moeten ze, tussen het bulderen van de oostenwind door, alleen het gefluit van de bal hebben gehoord, 0-1. Die voorsprong gaf wat meer zekerheden in het Enterse kamp. Ondanks aanvallende wissels van trainer Van Londen, geraakten de blauw-wit gestreepten niet of nauwelijks meer door de defensie van de withemden; de middenlinie van de Enternaren won steeds vaker de duels in de regiekamer en voorin kreeg men bij E.V. weer een vleugje vuur in de aderen.  Toch bleef het opletten voor de gasten, want D.Z.S.V. is immer een lastige horde voor de mannen uit Enter. Heel vaak bleven de punten in Dinxperlo, dus ook nu was zwart en wit nog niet thuis. Dat veranderde toen Peter Pluimers, die daarvoor al een arsenaal  aan ballen uit de voeten van z’n tegenstanders had gehaald, met een karakteristieke rush over de rechterflank het volgende doelpunt aandroeg. Met onverzettelijke wilskracht en een heerlijk sprankje genialiteit werd Wout Velten in stelling gebracht. De flitsende schuiver van Velten sloeg via de binnenkant paal tegen de Dinxperlose netten, waarna het blauw-witte genootschap “adieu” moest zeggen. De thuisploeg boog, als een verwelkte roos, het kopje. Het slotakkoord was er eentje vanaf de penaltystip. Wout Velten ging er “in de zestien” bij liggen, na geschept te zijn door een wat al te rigoureuze Dinxperloër. Arbiter van dienst, de heer J.J.A. Visser uit Arnhem, kon niet anders dan het speeltuig op elf meter voor de neus van keeper Lurvink leggen. Henri Knol ging achter het kanon staan en hamerde zijn 17e treffer van deze voetbaljaargang tegen de touwen, 0-3. Na de bitter stroeve start van de match toch nog een verdiende, maar ietwat geflatteerde zege. Met de wispelturigheid van heb-ik-jou-daar wat z’n ploeg soms parten speelt, heeft hoofdman Hodes deze week weer wat om over na te denken. Enter Vooruit blijft ook na de ijskoude 17e speeldag meedoen in de prijzenslag.